Energietransitie

Aardgas speelt een belangrijke rol in de transitie naar een volledige duurzame energievoorziening in 2050.  

Sustainable Development Goals (SDG’s)

In augustus 2015 gingen 193 landen wereldwijd akkoord met een nieuwe mondiale duurzame ontwikkelingsagenda: de Sustainable Development Goals (SDG).

De SDG’s zijn 17 doelen om tot een duurzame en toekomstbestendige wereld te komen in 2030. De Nederlandse Olie en Gas Exploratie & Productie Associatie (NOGEPA) is sinds 2019 aangesloten bij de International Petroleum Industry Environmental Conservation Association (IPIECA). IPIECA zet zich in tot kennisdeling binnen de olie- en gasindustrie, beheersing van de effecten op het milieu en het bijeenbrengen van stakeholders. Het is tevens officieel partner in het United Nations Development Programme (UNDP) en de International Finance Corporation (IFC). Binnen deze VN organen maakte IPIECA de vertaalslag hoe de olie- en gasindustrie voor 2030 de SDG’s effectief ondersteunen. Ook de Nederlandse olie- en gassector pakt haar verantwoordelijkheid en dragen actief bij aan meer dan de helft van deze doelen. Onderstaand worden deze SDG’s uitgelicht, begeleidt met voorbeelden van de bijdrage vanuit de leden van NOGEPA.

SDG 7: Betaalbare en duurzame energie

Toegang tot betaalbare en betrouwbare energiebronnen is essentieel voor groei van de economie, verbetering van de kwaliteit van leven en het tegengaan van armoede. Internationaal is de uitdaging om te komen tot een wereld met moderne en betaalbare energiesystemen zonder uitstoot van broeikasgassen in 2050. In de uitdaging waar Nederland en de wereld voor staat is deze transitie enkel door samenwerking mogelijk.

Door CO2 -intensieve brandstoffen (zoals steenkool en aardolie) te vervangen door aardgas, de fossiele brandstof met de minste CO2 -uitstoot, bereiken we snel een vermindering van de carbon footprint binnen het huidige energiesysteem. Met het omzetten van aardgas naar blauwe waterstof kan de uitstoot van CO2 zelfs voorkomen worden door pre-combustion Carbon Capture & Storage (CCS). De Nederlandse gasvelden onder de Noordzee bieden ruimte voor het opslaan van 1700 miljoen ton CO2. De opslagcapaciteit op zee is voldoende om al het afgevangen CO2 op te slaan tot ten minste 2060. Met de integratie van energiesystemen, via het initiatief wind-meets-gas, kan windenergie op zee omgezet worden in groene waterstof en via de bestaande gasleidingen naar land worden gebracht. (Overtollige) elektriciteit van deze windparken kan zo worden ingezet om de leveringszekerheid van energie te vergroten. Het zijn enkele voorbeelden van mogelijkheden die de gassector te bieden heeft bij de energietransitie.

NOGEPA behartigt de belangen van alle bedrijven in de olie- en gassector en wil een open en transparante bijdrage leveren aan de transitie naar een volledig emissieloze energievoorziening in 2050. Een energievoorziening die veilig, schoon, betrouwbaar, betaalbaar én geaccepteerd is. Tot het moment dat een volledig duurzame energievoorziening is gerealiseerd zal aardgas een belangrijke bijdrage blijven leveren aan een betrouwbare energievoorziening met een zo laag mogelijke klimaat footprint. Naar schatting kunnen we in Nederland nog zo’n 20 tot 30 jaar aardgas winnen uit de Noordzee.

Tot het moment dat een volledig duurzame energievoorziening is gerealiseerd zal aardgas een belangrijke bijdrage blijven leveren aan een betrouwbare energievoorziening met een zo laag mogelijke klimaat footprint.

SDG 8: Eerlijk werk en economische groei

De olie- en gasindustrie is belangrijk voor onze werkgelegenheid: de sector zorgt alleen al in Nederland voor zo’n 16.500 banen. Dit zijn de mensen op de productielocaties, onderzoekers en technisch ontwerpers, maar ook banen bij de toeleveringsbedrijven en bijvoorbeeld in de bouw van installaties en de gasplatforms. Ook de aanwezigheid van olie en gas in Nederland zorgt voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven in de chemische sector. Bovendien is de opgebouwde kennis en ervaring in de sector een aanjager voor de ontwikkeling van geothermie door het bedrijfsleven, onderzoeksinstituten en universiteiten. De olie- en gassector is een hightech wereld waarin continue gezocht wordt naar nieuwe manieren om de winning van olie en gas efficiënter én duurzamer te maken. Ook werken we aan innovaties om met de resterende aardgasreserves en infrastructuur een bijdrage te geven aan de energietransitie. De huidige kennis en ervaring van de olie- en gassector zijn zo ook in het nieuwe energiesysteem belangrijk.

De olie- en gassector is een hightech wereld waarin continue gezocht wordt naar nieuwe manieren om de winning van olie en gas efficiënter én duurzamer te maken.

SDG 9: Industrie, innovatie en infrastructuur

De leden van NOGEPA werken voortdurend aan innovaties om het winnen van aardgas op zee en op land veiliger, efficiënter en milieuvriendelijker te maken. Aanpassingen in het productieproces zorgen voor 50% minder offshore methaanemissies. Een andere belangrijke stap is het elektrificeren van de installaties op de offshore platforms. Daarmee wordt de energievoorziening voor de productie, behandeling en transport van aardgas op de platforms voorzien door ingekochte duurzaam opgewekte elektriciteit, in plaats van door het inzetten van een deel van het geproduceerde aardgas. Nu nog wordt ongeveer tien procent van de productie zelf ingezet als krachtbron voor het operationeel houden van de platforms. Het elektrificeren van de tien grootste platforms op de Noordzee zorgt voor een jaarlijkse reductie van 0,5 tot 1 miljoen ton CO2. NOGEPA verwacht veel van de verdere uitwerking van deze systeemintegratie en de rol die de huidige (gas)infrastructuur daarin kan en moet spelen. Voor de kust van Scheveningen wordt hierin al een begin gemaakt door een wereldprimeur met een proefproject op een gasplatform van Neptune Energy met de productie van waterstof en het testen van een elektrolyser in offshore condities. Het project is een initiatief van TNO, Nexstep en overheid. Tegelijkertijd nadert een deel van de omvangrijke gasinfrastructuur het einde van het producerend leven en worden installaties uit gebruik genomen. Momenteel staan er 150 offshore platforms in de Noordzee en ligt er circa 3.000 kilometer aan pijpleidingen. Voordat deze bestaande infrastructuur buiten gebruik wordt gesteld en verwijderd moet er een zorgvuldige afweging plaatsvinden of en hoe deze kan worden hergebruikt. Hiermee kunnen overbodige uitgaven voor nieuwe infrastructuur (zoals voor CCS, waterstof etc.) worden voorkomen door de huidige infrastructuur circulair in te zetten voor deze nieuwe toepassingen. Tevens kunnen hierdoor de maatschappelijke kosten voor verwijdering worden geminimaliseerd. Echter is het niet voor alle infrastructuur mogelijk een nieuw leven te vinden en zal het overgrote deel direct ontmanteld worden na gebruik. Dit demonteren en verwijderen gebeurt op een veilige manier waarbij de milieubelangen worden gewaarborgd.

De leden van NOGEPA werken voortdurend aan innovaties om het winnen van aardgas op zee en op land veiliger, efficiënter en milieuvriendelijker te maken.

SDG 10: Ongelijkheid verminderen

Ongeveer driekwart van elke euro aan gewonnen aardgas komt terecht in de staatskas. In zestig jaar tijd leverde dit bijna 417 miljard euro op aan de Nederlandse staat. Dit heeft eraan bijgedragen dat de kloof tussen arm en rijk in het land verminderde, mensen gelijke kansen kregen en de welvaart is gestegen. Terwijl we de winning van aardgas in Groningen zo snel mogelijk stapsgewijs afbouwen, wordt de gaswinning vanuit de kleine velden nog doorgezet omdat dit beter is voor de Nederlandse staatskas en minder impact heeft op het klimaat dan geïmporteerd gas. Nederlands aardgas kan zo nog een aantal decennia bijdragen aan de Nederlandse welvaart en de aardgasbaten kunnen financieel bijdragen aan de energietransitie.

SDG 11: Duurzame steden en gemeenschappen

De aardgasbaten zijn besteed aan de Nederlandse samenleving op het gebied van infrastructuur, kennis en innovatie. Het einde van de aardgaswinning is inmiddels al wel in zicht. Waarschijnlijk zijn onze gasvelden rond 2050 leeg. Dit maakt de urgentie duidelijk om de komende decennia gezamenlijk te bouwen aan een alternatief en duurzaam energiesysteem. Dit biedt ook de kans om in deze transitieperiode de aardgasbaten te koppelen aan de energietransitie en de huidige infrastructuur (waar mogelijk) in te zetten voor een nieuwe duurzame invulling.

Het einde van de aardgaswinning maakt de urgentie duidelijk om de komende decennia gezamenlijk te bouwen aan een alternatief en duurzaam energiesysteem.

De VN vraagt om steden die veilig, veerkrachtig en duurzaam zijn. Het zo veel mogelijk aardgasloos maken van de wijken wordt een belangrijke ingreep om het gebruik in Nederland te verminderen. Nieuwe vormen van energie, zoals het inzetten van duurzame opgewekte elektriciteit of waterstof bij vervoer, kunnen als schone energiedrager helpen om de luchtkwaliteit in steden te verbeteren. De beschikbare kennis en expertise van de leden van NOGEPA dragen ook bij aan het vinden van alternatieve energiebronnen, zoals geothermie en waterstof

SDG 12: Verantwoorde consumptie en productie

In het klimaatakkoord is afgesproken dat in 2030 minimaal 49% minder broeikasgassen worden uitgestoten en Nederland in 2050 zelfs voor 95% emissieloos is. Om dat te bereiken moet er nog veel gebeuren om het energieverbruik op een duurzame manier in te richten. Op dit moment bedraagt het aandeel duurzaam opgewekte energie maar 7,3% van het totale Nederlandse energieverbruik. Als schoonste fossiele brandstof heeft aardgas in de transitieperiode de voorkeur boven aardolie en steenkool. Lokaal geproduceerd aardgas heeft daarin weer de voorkeur boven geïmporteerd aardgas. Het inzetten van Nederlands aardgas voorkomt kosten voor de import van aardgas uit het buitenland. Bovendien is de carbon footprint van in Nederland geproduceerd aardgas lager dan die van geïmporteerd aardgas. Importgas moet immers door vele duizenden kilometers aan pijpleidingen getransporteerd worden, waarvoor energie nodig is. Ook is de emissie van methaan, een zeer potent broeikasgas, als gevolg van winning van aardgas uit Nederlandse bodem relatief laag ten opzichte van geïmporteerd aardgas. Afhankelijk van de herkomst kan importgas tot 34% hogere emissies leiden. Daarom is het ook voor de klimaatdoelen beter om Nederlands gas te gebruiken. Bij de Nederlandse productie wordt volop ingezet om zo efficiënt en milieuvriendelijk mogelijk aardgas te winnen. Zo worden de installaties op gasplatforms steeds vaker aangedreven met zonnepanelen of windmolens bij de productie van aardgas.

SDG 13: Klimaatactie

Het gebruik van fossiele energie is verantwoordelijk voor 80% van de mondiale CO2 -uitstoot en draagt volgens berekeningen voor bijna de helft bij aan de opwarming van de aarde. En hoewel er grote investeringen aankomen voor duurzaam opgewekte elektriciteit, blijft Nederland in 2030 naar verwachting nog altijd voor een groot deel afhankelijk van fossiele brandstoffen. Het overstappen naar duurzaam opgewekte energie op grote schaal kost immers nog veel tijd en inspanning. Door nieuwe en slimme oplossingen kan de offshore industrie nu al bijdragen aan het reduceren van de CO2 uitstoot. De gassector wil met verschillende innovaties de springplank worden naar duurzame energie. Bijvoorbeeld met de elektrische productie van aardgas voor de kust van Ameland en Scheveningen, het waterstof project H-vision in Rotterdam, onderzoek naar de inzet van aardwarmte (geothermie) door Vermilion en de productie van groen gas en waterstof naast de opwekking van wind- en zonne-energie in de voormalige gaszuiveringsinstallatie (GZI) van NAM in Emmen.

Door nieuwe en slimme oplossingen kan de offshore industrie nu al bijdragen aan het reduceren van de CO2 uitstoot.

SDG 14: Leven in het water

De industrie die werkzaam is op de Noordzee is continu op zoek naar de juiste balans tussen het waarborgen van het milieu, bijdragen leveren aan de samenleving en aan de economie. De samenleving stelt terecht hoge eisen aan de milieueffecten van de industrie, maar vraagt ook naar betrouwbare en betaalbare levering van energie. Zo is de industrie gecommitteerd aan de Natuurbeschermingswet om het leven onder water te beschermen en de impact van de gasplatforms te minimaliseren. Daarnaast kunnen sommige funderingen van platforms in de Noordzee een rol krijgen als kunstmatige riffen voor natuurherstel. Het gunstige effect op biodiversiteit en vispopulaties hiervan is al aangetoond in de Golf van Mexico.

Tot 2050 blijft aardgas zorgen voor energiezekerheid in Nederland met de minste CO2 -uitstoot van de fossiele brandstoffen.

SDG 17: Partnerschap om doelstellingen te bereiken

De bovengenoemde Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn enkel te behalen als iedereen zijn deel bijdraagt. De doelen staan niet op zichzelf en om het ene doel te halen is ook inzet op de andere doelen nodig. Deze samenwerking gaat ook om kennisoverdracht, ontwikkelen van nieuwe technologieën en het afstemmen van beleid. De Nederlandse olie- en gassector is al tientallen jaren een betrouwbare partner voor de Nederlandse overheid. Nu het einde van de te winnen gasvoorraden in zicht is en we stappen zetten naar duurzaam opgewekte energie, draagt ook de olie- en gassector bij aan de transitie. Deze sector heeft ruim zestig jaar aan kennis en ervaring van de Nederlandse ondergrond die ingezet kunnen worden bij de ontwikkeling van duurzame toepassingen zoals geothermie. De waardevolle gasinfrastructuur kan daarnaast een nieuwe rol krijgen in een duurzaam energiesysteem. Zo kan de gassector bijvoorbeeld de offshore windproductie op de Noordzee ondersteunen. Deze industrie wil graag bijdragen aan de energietransitie om zo uiteindelijk te komen tot een volledig CO2 -neutrale energievoorziening. Tot 2050 blijft aardgas zorgen voor energiezekerheid in Nederland met de minste CO2 -uitstoot van de fossiele brandstoffen. Samenwerking tussen de aardgassector en de hernieuwbare energiesector is van groot belang voor het soepel laten verlopen van deze transitieperiode.

De Ladder van 7

Op dit moment bedraagt het aandeel duurzaam opgewekte energie zo’n 6,6 % van de totale Nederlandse energievoorziening. In 2023 zou dat 16% moeten zijn, zo is afgesproken in het Energieakkoord. Dit betekent dat we dan nog steeds 84% van onze energie uit bestaande bronnen moeten halen. Dan heeft aardgas, als schoonste fossiele brandstof, de voorkeur boven olie en kolen.

Wat is de beste manier om CO2 te verminderen?

Energietransitie

Energie efficiëntie

Een dienst of een product is energie-efficiënt als er voor de productie en het gebruik ervan niet meer energie wordt gebruikt dan nodig is. Hoe minder energie je nodig hebt om hetzelfde doel te bereiken hoe efficiënter het is. Bijvoorbeeld een ledlamp: die gebruikt minder energie dan een gloeilamp voor dezelfde hoeveelheid licht. Onder energiebesparing valt natuurlijk ook gedrag, zoals het uitdoen van lampen in ruimtes waar niemand aanwezig is.

Doordat er minder energie gebruikt wordt voor dezelfde hoeveelheid producten en diensten, groeit het energiegebruik van een land minder snel of zelfs helemaal niet. Dit brengt een beperking van de uitstoot van broeikasgassen met zich mee, een verbeterde luchtkwaliteit en, daarmee samenhangend, een betere gezondheid. Bovendien is het makkelijker om over te schakelen naar duurzame energie. Bijkomend voordeel is dat je als land minder afhankelijk wordt van energie-import.

Hernieuwbare energie

Energiebronnen die onuitputtelijk zijn en telkens opnieuw kunnen worden gebruikt voor het opwekken van energie. Voorbeelden zijn waterkracht, zonne-energie (via zonnepanelen), windenergie (via windturbines) en energie uit biomassa (bijvoorbeeld vergisting van groente-, fruit- en tuinafval, vergisting van mest of slib of verbranding van houtafval).

Groen gas

Groen gas is een verzamelterm voor – opgewerkt biogas (vergisting van biomassa), Synthetic Natural Gas (vergassing van houtachtige biomassa), tortgas (van vuilstortplaatsen) en waterstof met specifieke kwaliteiten zodat het geschikt is als vervanger van aardgas.

Nederlands aardgas

Aardgas is een fossiele brandstof die voor meer dan tachtig procent bestaat uit methaan. Bij het ontstaan van aardgas, het zogenoemde inkolingsproces, zijn gassen veelal ingevangen in bovenliggende gesteenten waar ze zich in de poriën ophopen. Dit poreuze gesteente is afgesloten door een ondoordringbare gesteentelaag. Om het gas te kunnen laten ontsnappen moet die laag doorboord worden. In de Wobbe-index liggen de verbrandingseigenschappen van gas vast. Op dit moment gebruikt Nederland vooral laagcalorisch gas (G-gas) met een Wobbe-index van 43.46 – 44.41 MJ/m3(n). Hoogcalorisch gas (H-gas) heeft een Wobbe-index van 47 – 55,7 MJ/m3(n). Aardgas vindt zijn toepassing vooral in huishoudens en elektriciteitscentrales. Bijna alle gasapparatuur in Nederland is ingesteld op het huidige H- of G- gas.

Nederlands gas heeft de voorkeur boven het importeren van buitenlands gas. Want Nederlands aardgas is schoner, goedkoper, het maakt onze energievoorziening onafhankelijker van het buitenland én levert geld op. Met deze aardgasbaten kunnen we investeren in duurzame innovaties.

Geïmporteerd aardgas

De Nederlandse productie van aardgas neemt af, maar de vraag naar gas blijft voorlopig nog licht toenemen. Daarom importeert Nederland meer gas. Geïmporteerd hoogcalorisch gas heeft vaak een hogere Wobbe-index dan het huidige H-gas uit Nederland. Het nieuwe H-gas kan uit steeds meer verschillende landen komen. Sinds 2011 komt geïmporteerd gas vooral uit Noorwegen, Rusland en via Liquified Natural Gas (LNG) uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Olie

Aardolie, ruwe olie of petroleum is, naast onder andere aardgas, één van de fossiele brandstoffen. Aardolie is een brandbare vloeistof, bestaande uit een mengsel van koolwaterstoffen dat over miljoenen jaren is ontstaan uit organische resten die zich op de zeebodem van destijds hebben afgezet, met name afgestorven plankton. De samenstelling van ruwe olie (crude oil) verschilt per soort, maar kan meer dan honderd verschillende soorten koolwaterstoffen bevatten.

Kolen

Een van de oudste (fossiele) energiebronnen is steenkool. Door steenkool te verbanden krijg je energie, die je kunt omzetten in elektriciteit. Echter de CO2-uitstoot die dit veroorzaakt, is twee keer zo veel als de CO2 footprint van binnenlands aardgas.

Energiemix

Het kabinet zet in op een CO2-arme energievoorziening, die veilig, betrouwbaar en betaalbaar is. In dit kader introduceert NOGEPA de “Ladder van 7”.

Voordelen van gas naar energiemix

Waarom hebben wij aardgas nodig in onze energiemix?

Momenteel bestaat ons primair energieverbruik voor 40% uit aardgas, 39% uit olie en 14% uit kolen. Maar 6% van onze energie komt op dit moment uit hernieuwbare bronnen. Dit aandeel zal op weg naar 2050 sterk moeten groeien. Om in de tussentijd aan de Nederlandse energiebehoefte te kunnen voorzien, heeft, Nederlands aardgas de voorkeur boven geïmporteerd aardgas, olie en kolen (zie Ladder van 7).

Gas op maat

Aardgas, als hoogwaardige energiebron, zal straks gericht worden ingezet, dus alleen daar waar het nuttig én nodig is. Bijvoorbeeld door aardgas te gebruiken voor hoogwaardige toepassingen en minder voor het verwarmen van huizen en gebouwen. Want dat bedraagt op dit moment  50% van ons totale aardgasgebruik. Terwijl voor het verwarmen van huizen een temperatuur van zo’n 20 graden Celsius al voldoende is en dat kan ook met lokale opwekking door bijvoorbeeld  groen gas of aardwarmte. Aardgas kan zorgen voor temperaturen van wel 1500 graden, en is dus bij uitstek geschikt voor de industrie, die veel warmte vraagt. Zoals bijvoorbeeld bij de productie van staal en aluminium of glas en in de zout- en chemische industrie.

Schoon aardgas?

Nederlands aardgas is de fossiele brandstof met de minste CO2-uitstoot. Importgas heeft een klimaatimpact die aanmerkelijk hoger is dan binnenlands gas. Afhankelijk van de herkomst, kan het gas dat je van ver haalt tot 34% hogere broeikasgasemissies leiden. Het gebruik van kolen veroorzaakt 2 keer zoveel CO2 als het inzetten van aardgas voor dezelfde hoeveelheid opgewekte energie. Overigens is een groot deel van de CO2-reductie in Europa in de laatste 15 jaar te danken aan het gebruik van aardgas, als vervanger van meer vervuilende energiebronnen, zoals kolen en bruinkool.

Transport

Een snelle CO2 winst is te behalen door in de scheepvaart, wegtransport en luchtvaart vaker aardgas (LNG) in plaats van olie of diesel als  brandstof te gebruiken.

Back-up

Aardgas is een belangrijke brandstof voor onze energiecentrales. Het kan worden opgeslagen in ondergrondse bergingen (Norg, Alkmaar, Zuidwending, Epe) en ingezet wanneer nodig. Daarmee is het een betrouwbare back-up voor de dagen dat we  minder energie met wind en zon kunnen opwekken dan we op dat moment consumeren. Dit is één van de manieren waarop aardgas de transitie naar een volledig duurzame en CO2-arme energievoorziening in 2050 ondersteunt.

Aardgas als versneller

Hoe kunnen wij aardgas gebruiken om de energietransitie te versnellen?

Samenwerking tussen de aardgassector en de hernieuwbare energiesector is van groot belang voor een soepel verlopende transitieperiode. De gassector heeft veel kennis van de ondergrond en waardevolle infrastructuur die kan worden ingezet voor de energietransitie. Zo kan de gassector bijvoorbeeld de offshore windproductie op de Noordzee ondersteunen.

Noordzee als energiecentrale

De Noordzee wordt zoals het zich laat aanzien één grote energiecentrale: platforms voor de gasproductie, windparken, installaties voor getijdenenergie, algenkweek, etc. Door deze allemaal te integreren ontstaat een nieuw energiesysteem. De bestaande infrastructuur, zoals platforms en leidingen, kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor de transport en opslag van de duurzaam opgewekte energie.

In dat nieuwe systeem zijn een aantal van de platforms geëlektrificeerd. Deze platforms fungeren als een soort hub om via de bestaande leidingen, de windenergie in gasvorm naar de wal te brengen. Dat is aanzienlijk goedkoper dan het aanleggen van een compleet nieuwe infrastructuur.

Door te denken vanuit een shared services and products aanpak wordt de Noordzee als energiegebied verduurzaamd, is de leveringszekerheid gegarandeerd en daalt de kostprijs van hernieuwbare energie. Een voorwaarde is wel dat er slim wordt gepland en dat infrastructuur behouden blijft tot het moment waarop ze nodig is voor het nieuwe duurzame energiesysteem.

Power-to-Gas

Power-to-Gas is een techniek, waarbij stroom wordt omgezet in (waterstof of methaan)gas. Gas is makkelijker op te slaan dan elektriciteit en goedkoper te transporteren.

Bij het grootschalige gebruik van wind- en zonne-energie kan er een gat ontstaan tussen vraag en aanbod. Zo kan een piek in het gebruik heel erg afwijken van een piek in de opwekking van elektriciteit. Soms waait het immers niet zo hard of schijnt de zon niet zo fel en is er wel veel vraag naar elektriciteit en andersom. Als er meer productie is dan vraag, kan de overtollige elektriciteit worden omgezet in waterstof.

Groen Gas

Conform de Ladder van 7, die aangeeft wat de belangrijkste keuzes zijn bij CO2-reductie, zet de gassector sterk in op de ontwikkeling van groen gas. Dit gas (bijvoorbeeld ontstaan door vergisting van afval) kan worden ingevoegd in het bestaande aardgasnet.

CO2 opslag

Om in 2030 de CO2-uitstoot met 49% te beperken, is afvang en opslag van CO2, bijvoorbeeld in lege gasvelden op zee, noodzakelijk. Hier kan gebruik worden gemaakt van de expertise van de gassector bij onderzoek naar geschikte velden voor offshore CO2 opslag. Daarnaast kan de sector ook een bijdrage leveren als het gaat om het gebruik van de bestaande infrastructuur op zee, zoals platforms en leidingen om CO2 te transporteren en te injecteren.

Aardwarmte

De kennis en kunde van de olie en gasindustrie kan ook worden ingezet voor de ontwikkeling van aardwarmte als energiebron. Want als ergens kennis en ervaring van de Nederlandse bodem aanwezig is dan is het wel in de aardgassector. Denk aan het veilig boren naar aardwarmte, zonder dat onbedoeld grondwaterlagen of eventuele gaslagen worden geraakt. Ook hier kan de aardgassector samen met de geothermie sector een belangrijke bijdrage leveren aan de energietransitie.